P

TSZ

PEETSZ

PETER  HAITSMA

 

Hoi, fijn je te zien.

Hier vind je verhalen, foto's en muziek.

 

Mijn fotoblogs staan op mijn blogpagina DOEN!

Mijn columns kun je lezen op de pagina COL.

En op mijn  pagina NOVELLI vind je mijn korte verhalen.

 

Maar nu eerst PEETSZ.

Veel lees, kijk en luisterplezier. Reacties zijn welkom.

 

Groet Peter 

V O O R B A R I G

Het is zo ver. Na al die jaren is opeens hét moment daar. Ik win vaker dan ik verlies met 1 tegen1 spelletjes. Eerlijk gezegd ben ik niet beter gaan spelen, mijn vaste tegenstander begint foutjes te maken. Mijn opponent ziet het spelbord en/ of de spelkaarten letterlijk niet zo scherp meer als voorheen. Wie mijn tegenstander is?

Dat is mijn achtentachtigjarige moeder, dé onbetwiste spelletjeskoningin van onze familie. Mijn moeder speelt elk spel om te winnen. Slim, doelgericht en eerlijk, maar vooral heel gezellig met thee, koekjes en chocolade. Ze speelt mij en mijn kinderen met allerlei spelletjes al jarenlang van tafel. Ook bij nieuwe spellen waarvan zij de spelregels krijgt uitgelegd tijdens het spelen. Ze is een bescheiden winnaar en als ze toch een keertje verliest kan ze dat als geen ander zonder enige moeite accepteren. 

 

Al zo’n ruim vijftig jaar probeer ik van haar te winnen. En nu is het dan eindelijk zo ver. Ik win regelmatig. Meestal sla ik mijn slag na een foutje van mijn moeder, door haar oogziekte vergist zij zich regelmatig op het spelbord, of ze ziet een schoppenkaart voor een klaverkaart aan. Het lijkt ook wel of ze minder goed dan voorheen strategisch vooruit kan denken. Na een blunder of niet zo slimme zet lacht ze hard en relativeert ze met een kwinkslag. Ze beseft dat ze niet meer zo goed kan spelen als voorheen en accepteert dit in stijl. Met een lach, berusting en een leuk grapje.  

 

Ik was eerst, in al mijn naïveteit, opgetogen over mijn overwinningen totdat echt tot me doordrong dat mijn moeder stapje voor stapje achteruit gaat. Onvermijdelijk en niet fijn. Maar - ik maak even een sprongetje voorwaarts in de tijd - ze begint onverwachts weer beter te spelen. Zaterdagmiddag was ze gezellig op bezoek. Mijn dochter pakt een nieuw bordspel uit de kast en ik hoor mezelf zeggen 'eindelijk hebben we een leuk bordspel in huis waarmee oma zeker niet van ons kan winnen'.  Ik was op dat moment zo zelfverzekerd (en onbedoeld ook zo onbeleefd). We hadden dit nieuwe strategische denkspel al twee keer eerder samen gespeeld en beide keren bakte mijn moeder er niks van. Dertig minuten later kijken mijn dochter en ik elkaar verbaasd aan. Hoe dan? Mijn moeder knikt triomfantelijk naar mij ... 'wat zei je ook alweer Peter aan het begin van het spel?' Ik buig mijn hoofd in mijn handen en in dat verslagen hoofd ben ik stilletjes toch heel blij, she is back, sterker dan ooit te voren. Verliezen voelt soms beter dan winnen.

Korte Verhalen - Peter Haitsma

W I N D H U F F E N

Uit het "woordenboek" van mijn dochter

 

Windhuffen (o) - afkoelen op de fiets. Voor snikhete dagen. Als je niet met één hand aan het stuur kan fietsen, stop je even met fietsen. Doe je wijsvinger en middelvinger tegen elkaar aan. Maak ze nat met je tong en strijk de vingers over je voorhoofd. Stap weer op je fiets. Je merkt nu dat je voorhoofd door de fietswind afkoelt.  Als je wel met één hand aan het stuur kan fietsen, zoals pappa, dan hoef je niet te stoppen, maar het is gezelliger als pappa tegelijk stopt met zijn dochter om daarna samen te windhuffen.  

J A Z Z

Nog steeds geen slotakkoord, met de minuut voel ik me onrustiger worden van het gejengel in mijn oren. Sorry pap, dit trek ik echt niet meer. Ik knijp in de handremmen en ga aan de zijkant van het dijkje staan met mijn racefiets tussen de benen. Ik haal mijn mobiel uit de achterzak van mijn fietsjas, tik op stop en zoek een ander nummer op in de afspeellijst.

Eens in de zoveel jaar probeer ik te luisteren naar de favoriete muziek van mijn vader … dé jazz. Op zestienjarige leeftijd, eind jaren zeventig, vond ik op zolder zijn oude jazzplaten. Mijn vader was toen al acht jaar overleden. Ik probeerde een aantal elpees uit maar kon er helemaal niks mee. Van mijn zakgeld kocht ik new wave, punk, rock, reggae en ska muziek. De oude jazzelpees verdwenen achter in de rij maar bij een verhuizing gingen ze als eerste in de verhuisdoos. Het zijn spaarzame herinneringen aan mijn vader, die helaas maar zesendertigjaar oud mocht worden.

Als ik, op een regenachtige saaie zondag, de elpees van mijn vader door mijn handen laat gaan, zie ik hem in mijn verbeelding rondlopen in de platenwinkel DISCO-HOEK op de Brouwersgracht 139 hoek Willemsstraat aan de rand van de Jordaan. Ik zie hem door de ramen heen aandachtig rondneuzen in de platenbakken. Mijn toekomstige vader vergaapt zich aan de mooie artistieke  platenhoezen uit die tijd, speurt daarop naar zijn favoriete jazzmuzikanten en pikt er dan een elpee, net zoals ik twintig jaar later talloze keren met veel plezier heb gedaan, op goed geluk uit. Vol verwachting, top of flop.

 

Ik zie hem opgetogen de platenwinkel uitlopen richting de tram. Thuis vlug de jas op de kapstok en de elpee heel voorzichtig op de platenspeler. Dan het moment van de waarheid, valt het tegen of wat gaaf, hij luistert aandachtig en draait de volumeknop omhoog, het ritme pakt hem, het bewegen op de maat gaat langzaam over naar een stoer dansje, weer een draai aan de volumeknop. Ik hoor mijn oma hard roepen, kan het wat zachter Jelle! Hij pakt zijn trompet om een solo mee te spelen. Ik begin mijzelf nu echt te herkennen in mijn vader Jelle, met als enige verschil dat ik speelde op een luchtgitaar. Hij heeft zijn muzikale talent helaas niet aan mij doorgegeven maar aan mijn broer. Ik pak het familiefotoalbum erbij en zie op een vergeelde zwart wit foto mijn vader trompet spelen in een Amsterdams jazzorkest. Volgens mijn moeder was hij nog best goed ook, dat geloof ik graag.   

 

Ik had voor deze ochtend een aantal jazznummers van zijn elpees opgezocht op Spotify en toegevoegd aan mijn afspeellijst. Na vijftien minuten hard fietsen en aandachtig luisteren trek ik het niet meer. Ik word, ook deze keer weer, zo onrustig van al dat trompet-gejengel. De tijd heeft mijn muzieksmaak helaas niet doen veranderen. Hoe kan het nou toch dat ik zo gek ben op simpele recht toe recht aan muziek en stapelgek word van virtuoze jazzmuziek. Zegt dat soms iets over mij?

Na even scrollen in mijn afspeellijst tik ik op een nummer van de Britse jazz-rap groep Us3. Zij gebruiken veel oude jazz samples, ik herken er een aantal van de elpees van mijn vader. Gek genoeg kan ik hier juist heel goed naar luisteren, sterker nog, ik vind het heerlijke muziek. Strak swingend ritme van drum, bas en trompet. Mijn vader zou dit vast en zeker ook heel mooi hebben gevonden. Ik kom dit natuurlijk nooit te weten, maar er in geloven dat ik samen met mijn vader geniet van deze jazz-rap voelt heel goed.  

M O O I S T E 

Het gaat vandaag warm worden. Heel warm, tropisch warm.  Misschien wel de warmste dag van het jaar. Dat motiveert mij meteen om er ook de mooiste dag van het jaar van te maken. Dat heb ik overigens ook als de ergste sneeuwstorm of de mooiste lentedag van het jaar wordt voorspeld. Met dat speciale gevoel ben ik vanochtend vroeg op de fiets gestapt. 

 

De opkomende zon piept boven het weidse landschap uit en schijnt door de eindeloze rij bomen precies in mijn gezicht. Aan weerskanten van het smalle landbouwweggetje zie ik bij veel boerderijen de Franse vlag buiten hangen. Zwart witte koeien staan stilletjes bij elkaar in een hoekje van een nevelige weiland , een enkele dromer ligt nog in het hoge gras. Verderop tuurt een groezelig schaap achter een roestig hek mij priemend aan, zijn kudde van zo’n twintig schaapjes liggen loom in het gras.

 

Door de warmte en de vele Franse vlaggen lijkt het wel of ik door de Provence heen fiets maar ik fiets toch maar gewoon door m'n eigen provincietje. Uit protest hebben de boeren de Nederlandse vlag omgekeerd opgehangen. Hoewel ik in een lekker tempo rij, heb ik de pap in de benen, zoals wielrenners dat zo mooi beeldend uitdrukken. Zou dat komen door het lange hike van gisteravond. Nou ja hike, zeg maar wandeltocht. Ik laat de pap in de benen voor wat het is en probeer zo soepel mogelijk de pendalen rond te draaien. Bij een grote boerderij zonder vlag zorgen automatische sproeiers voor nat zand in een paardenbak. Dat lijkt mij verspilling van het steeds schaarser wordende water. - Niet te snel oordelen Peter, daar zal vast wel een goede reden voor zijn.

Ik knik naar een wielrenner aan de overkant van de weg. Zo zeg, die draagt een mooi klassiek wielertenue uit de jaren zeventig met een gaaf traditioneel wielrenpetje. Staat heel stoer, maar niet zo slim, als hij valt dan ... . - Niet te snel oordelen Peter, hij zal daar vast wel een goede reden voor hebben. Even later haal ik een hardloper in, op zijn hoofd een woestijnpetje met nekbeschermer. Die nekbeschermer lijkt mij wat overdreven zo vroeg in de ochtend, maar … niet te snel oordelen Peter … jij fiets met je wandelschoenen aan omdat je wielrenschoenen nog op je werk liggen. Ieder zijn ding.

 

Aan de eindeloos lange rij bomen komt een eind en ik rij een dijkje op naast een brede ringvaart. Ook hier weer een lange rij polderbomen. Ze  reflecteren stil in het water van de vaart. Er staat namelijk geen zuchtje wind en dat fietst wel zo lekker. Opeens valt mij de naam op van een boerderij: De drie morgen. Apart! Even later zie ik aan de waterkant Diana liggen. Een mooie naam voor een motorjacht.

Stel: ik maak twee lijstjes, eentje met boerderijnamen en eentje met bootnamen. Zou jij dan aan de namen kunnen zien of het boerderijen of boten zijn? Helaas ben ik slecht in het onthouden van namen, dus die lijstjes hou je nog van mij te goed.

 

De weg daalt af naar de onderkant van de dijk. Helaas geen uitzicht meer op het puntgave spiegelbeeld van de karakteristieke bomenrij, nu kijk ik uit over een smalle wegsloot met brede hoge rietkragen. Ook mooi.  Aan de overkant loopt in het weiland een moedergans met even kijken … 3,4,5, ja 6 kleintjes achter zich aan. Ik kan natuurlijk niet zien of het een moedergans is, dat denk ik onbewust, vadergans is ergens … . Geen idee eigenlijk wat een vadergans zoal op de vroege morgen doet.

Maar wat zie ik nu in de verte voor me uit, wordt de weg daar verspert? Even later knijp ik in de handremmen. Een grote rode vrachtwagen met bouwmaterialen probeert een boerenerf op te rijden. Dat lukt niet echt. Twee bouwkameraden zijn druk met het geven van aanwijzingen aan de chauffeur. Na een paar minuutjes kan ik er langs.

Even later rij ik over een klein sluisje, een onmisbare verbinding tussen ringvaart en poldersloten. Bij strenge winters staat daar steevast een stempelpost van de plaatselijke schaatstoertocht. Daar kwam ik als jonge schaatser altijd totaal uitgeteld aan. Op het lange stuk daarnaar toe stond altijd tegenwind. Echt altijd! Warme chocolade en een mars gaven mij dan weer voldoende energie om de volgende stempelpost te bereiken. De lucht ziet er zo op het oog nog schoon uit, er is smog voorspeld voor later op de dag, hopelijk valt het mee.  

Ik passeer een man die zijn baby in een draagzak op zijn buik draagt. Met het gezichtje naar voren gericht. Daardoor kijken zij beiden het weidse boerenlandschap in, onvervaard en onderzoekend. De man stapt stevig door. Moeders dragen, volgens mij, hun baby in een draagzak juist met het gezichtje naar de borst gericht, beschermend en keuvelend. Er zijn natuurlijk ook onvervaarde moeders en keuvelende vaders. Ieder zijn ding.

 

Een week plus een dag geleden lag ik ongepland een ochtendje in het ziekenhuis. Ik had helaas weer last gekregen van een hartritmestoornis. In het ziekenhuis kreeg ik een cardio versie. De cardioloog plaatst dan  twee "strijkijzers" op de borst en geeft daarmee een flinke stroomstoot. Daardoor stopte heel even mijn hart met tikken, om daarna weer in een aangenaam ritme verder te gaan.

De laatste keer was twee jaar geleden. Ik dacht, na zo'n lange periode, dat ik het nooit meer zou hoeven meemaken. Maar helaas. Het gebeurde tot mijn grote schrik toch weer. Totaal onverwachts, zoals altijd.  Waardoor, Joost mag het weten. Nou Joost, ik zou het zelf ook heel graag willen weten. Maar ja, daar gaan de artsen en ik helaas niet achter komen, dat blijft een geheim van het lichaam. 

 

Maar vandaag. Zo aan het begin van mijn zomervakantie. Ja, vandaag voel ik me zo super goed, en ben ik zo enorm blij dat ik, met mijn hartje, weer kan sporten. Het leven lacht mij na die spannende maandagochtend in het ziekenhuis weer tegemoet en ik geniet er met volle teugen van. Even later fiets ik mijn achtertuin in en sluip ik stilletjes door de schuifpui de woonkamer in. 'Lekker gefietst', vraagt mijn nog slaperige echtgenote vanachter een grote kop warme thee.

 

'Ja super, ik heb een mooi tochie gereden. Een heerlijk begin van de mooiste dag van het jaar!'    

B A K B E E S T

‘NEE, dat kan echt niet’, zei mijn moeder boos door de telefoon. ‘Jullie hebben een fout gemaakt.’

‘Maar mevrouw, wij hebben geen fout gemaakt, uw rekening klopt echt wel.’

 

‘Nee, die is drie keer zo hoog als vorig jaar, dus dat klopt zeker niet, dit kan toch niet, wat een kolder, jullie hebben … .’

'Alstublieft mevrouw blijf rustig, laten we samen stap voor stap uw verbruik doornemen.’

‘Nee dat is helemaal niet nodig, jullie zijn niet wijs’

‘Laten we toch maar beneden in uw woning beginnen, heeft u in de keuken iets veranderd, is er nieuwe apparatuur aangeschaft?’

‘NEE, dit heeft geen zin’

‘Heeft u in de woonkamer iets veranderd?’

‘NEE.’

 ‘Dan gaan we naar boven, heeft u soms een elektrische kachel gekocht voor een van de slaapkamers?’

‘NEE.’

 ‘Dan gaan we verder naar de zolder, heeft u misschien een wasdr…’

‘O NEE, wat erg, ik weet het al, mijn zoon heeft vorig jaar een zeeaquarium gekocht voor zijn twee schildpadjes.’

‘Nou mevrouw, dat moet het zijn’, klinkt het opgelucht door de telefoon, ‘hoe groot is het aquarium en hangt er een verwarming in?’

 

Je mag 1 keer raden wat er gebeurde toen ik die middag na schooltijd thuiskwam. Laten we eerst even driekwartjaar terug gaan in de tijd. ‘Mam ik wil graag een aquarium kopen voor mijn twee schildpadjes, het bakje waar ze nu in zwemmen is veel te klein.’ ‘Zou je dat nu wel doen Peter, waar moet dat ding staan.’ ‘Op mijn zolderkamer.’ ‘Nou dat zou ik niet doen als ik jou was, hoe krijg je ‘m naar boven en je moet ‘m dan wel zelf elke week schoonmaken.’ ‘Jaaaa mam, doe ik.’

 

Zeeaquarium te koop - Afmetingen 180 cm x 50 cm x 50 cm - Vraagprijs 75 gulden

 

Dat is niet duur dacht ik en legde de krant terug op tafel. Toen ik bij de verkoper aanbelde stond het aquarium in de gang, het was liefde op het eerste gezicht. De verkoper zag dat ik op fiets was en bood aan om het aquarium, de fiets en mij met zijn busje naar huis te brengen. Na twintig minuten belde ik thuis aan. Mijn moeder deed de voordeur open en keek vervolgens stomverbaasd toe hoe ik samen met een vreemde man, met veel moeite, een zeeaquarium in haar gang neerzette. Ik zag aan haar gezicht dat ze met de minuut bozer en bozer werd en hoorde aan haar stem dat ze zich inhield omdat de verkoper er nog bij was.

Toen ik de verkoper bedankte voor het thuisbrengen en de voordeur achter hem dicht sloeg, kreeg ik direct de wind van voren. Waar zaten mijn hersens, dat idiote grote ding moest onmiddellijk het huis uit. Het bakbeest zou te veel ruimte in beslag nemen van mijn zolderkamer en ook nog eens veel te zwaar zijn voor de houten vloer! Maar ik was eigenwijs en dramde mijn zin door. Met de belofte dat er maar een klein laagje water in kwam te staan ging mijn moeder uiteindelijk met enorme tegenzin toch nog overstag. Naast heel eigenwijs was ik als achttienjarige ook heel erg sterk. Vandaag de dag zou ik al moeite hebben met het naar boven tillen van een goudvissenkom.  Maar toen durfde ik alles, en met mijn lengte van 193 cm was ik toch 13 cm langer dan het zeeaquarium. Ik schroefde alle trapleuningen van de muren af en met wat hulp van mijn vier jaar jongere broertje duwde ik het zeeaquarium, met al mijn kracht, tree voor tree naar zolder.

 

Het zeeaquarium werd, met een watertemperatuur van 21 graden, een tropisch paradijs voor de twee kleine schildpadjes. Wat hebben ze lekker gezwommen in het warme water en heerlijk liggen zonnen, onder een grote warmtelamp, op hun eilandje van keien midden in het aquarium.

 

Zoals je al had geraden kreeg ik toen ik thuiskwam van school weer flink de wind van voren. Orkaankracht 12! De volgende dag liep ik na schooltijd in het plaatselijke tuincentrum naar een grote vijver midden in de winkel. Heel sfeervol met veel groen en lekker warm water, en niet onbelangrijk met een tiental schildpadden. Toen ik me even onbespied waande haalde ik mijn vriendjes voorzichtig uit mijn jaszak en liet ze het water inglijden. Ik bedankte ze geëmotioneerd voor alle gezelligheid en wenste ze alle goeds toe in hun nieuwe thuis. Een paar weken later ben ik ze gaan opzoeken, hoe zou het toch met ze gaan, hebben ze het naar hun zin.  Ik zocht in de groep naar de mijne, maar ik herkende ze niet ... die schilpadden lijken allemaal zo op elkaar. 

PEETSZ - Peter Haitsma

B

KSZ

B

KSZ

B

KSZ

B

KSZ

PEETSZ - Peter Haitsma